circulair tufsteen in HoutenIn het hart van het Oude Dorp van Houten, op het Plein, vonden we vorig jaar een opvallend blok tufsteen. Dit blok is een mooi voorbeeld van circulair tufsteen in Houten: een stuk bouwmateriaal dat al eeuwenlang hergebruikt wordt. Verstopt onder een tegelvloer, ingebed in lagen uit de 16e en 17e eeuw, vertelt het blok een verhaal van circulair tufsteen in Houten dat teruggaat tot de Romeinse tijd.

Het blok is vrij groot in omvang (46 x 22 x 10 cm), weegt zo’n elf kilo, en aan één kant zit een opvallende richel. Die kan bedoeld zijn geweest om een houten balk te dragen, of gewoon als onderdeel van de afwerking. Wat het precies was, weten we niet. Wat we wél weten: dit blok heeft een lange geschiedenis achter de rug.

Die begint vermoedelijk in de Romeinse tijd, bij de stenen villa die ooit stond aan de Burgemeester Wallerweg, op een steenworp afstand van het huidige Plein. In de late 2e of 3e eeuw werd daar een robuuste villa gebouwd, deels opgetrokken uit tufsteen. Dat tufsteen kwam uit het Duitse Eifelgebied, waar het werd gedolven en per schip naar onze streken werd vervoerd. Het Romeinse tufsteen, Römer tufsteen, komt uit steengroeves nabij het dorpje Kruft. De Romeinen gebruikten het voor tempels, forten en woningen, en dus ook voor deze villa in Houten.

Na de val van het Romeinse rijk veranderde er veel, maar het tufsteen bleef. In de middeleeuwen werd oud Romeins bouwmateriaal op grote schaal hergebruikt, met name in kerken. Rond 950 werd op de plek van de huidige Pleinkerk een nieuwe kerk gebouwd: een zaalkerk van tufsteen. Delen van de zuidmuur dateren uit de 10e of 11e eeuw, compleet met Romaanse boogfragmenten. Bij opgravingen werd duidelijk dat de noordmuur deels is gefundeerd op Romeinse dakpannen en schalen. Ook de oude kerkhofmuur uit die tijd rustte op Romeins puin. Het hergebruik van de villa was hiermee geen aanname meer, maar een feit.

circulair tufsteen in HoutenEn het bleef niet bij de vroege kerk. De bouw ging eeuwen door. In de 16e eeuw verrees de huidige kerktoren, opnieuw met tufsteen. Dat materiaal kan deels nieuw zijn aangevoerd, maar er is alle reden om aan te nemen dat ook hier het Romeinse tufsteen opnieuw werd ingezet. Want waarom ver sjouwen als er op honderd meter afstand een verlaten villa ligt, vol bruikbaar materiaal?

Op 1 augustus 1674 sloeg tussen 19.00 en 19.30 uur het noodlot toe. Een zware storm, dezelfde die ook het middenschip van de Dom van Utrecht verwoestte, joeg de spits van de toren op het kerkschip. De kerk stortte deels in en is nooit meer volledig herbouwd. Delen van het puin zijn blijven liggen. En daar, precies op de plek waar later nieuwe huizen verrezen, werd eeuwen later dat ene tufstenen blok teruggevonden. Verstopt onder zand, puin en vloeren. Op nauwelijks dertig meter van de kerk.

Als het blok inderdaad eerst onderdeel was van de villa, daarna van de middeleeuwse kerk, en uiteindelijk onder een dorpshuis terechtkwam, heeft het in 2000 jaar een reis van honderd meter afgelegd. Geen grote afstand, maar wel een lange tocht. Van Romeinse luxe naar religieus middelpunt, naar vergeten fundament. Een stil bewijs van hoe bouwmateriaal en geschiedenis zich blijven verplaatsen. Steeds opnieuw gebruikt, steeds opnieuw betekenisvol.

Circulariteit is tegenwoordig een modewoord. Hip, duurzaam, innovatief. Maar wie goed kijkt, ziet dat we dit al 2000 jaar doen.


Medeauteur: Rex Brandsma, KNA Archeoloog MA

Bronnen

    • Dockum, S.G. van, 1990. Houten in the Roman Period, part I: a stone building in Burgemeester Wallerweg. BROB 40, Amersfoort, p. 297-323.
    • Keijzer, L.M.J., 1995. De kerk van Herlulf als middelpunt van het Oude Dorp Houten. Historische reeks Kromme-Rijngebied 3.
    • Stenvert, R & G. van Tussenbroek, 2020. Inleiding in de Bouwhistorie. Vierde druk, Utrecht.
    • oudhouten.nl
Advies nodig? Bel ons!